Naar de inhoud

Lasersnijden, plasmasnijden of waterstraalsnijden?

Drie manieren om metaal op vorm te snijden, met hun sterke punten en aandachtspunten, zodat je weet welke techniek past bij jouw onderdeel.

Bijna elk metalen onderdeel begint met snijden: een plaat moet op vorm, een gat moet erin, een contour moet precies kloppen. Drie technieken kom je daarbij vaak tegen: lasersnijden, plasmasnijden en waterstraalsnijden. Elk heeft eigen sterke punten. In deze gids leggen we de verschillen uit, zodat je weet welke techniek past bij jouw onderdeel en welk bedrijf je zoekt.

Lasersnijden

Bij lasersnijden smelt of verdampt een geconcentreerde laserstraal het materiaal langs een geprogrammeerde lijn. Een gas blaast het gesmolten materiaal weg. Het resultaat is een smalle, strakke snede.

  • Sterk in: nauwkeurigheid, fijne details, kleine gaten en series. Ook buizen kunnen op sommige machines worden gesneden.
  • Materialen: staal, rvs en aluminium zijn gebruikelijk; de mogelijkheden verschillen per machine.
  • Let op: er is een grens aan de dikte die een machine goed kan snijden. Bij dikker materiaal kan een andere techniek beter passen.

Plasmasnijden

Bij plasmasnijden smelt een zeer hete plasmaboog het metaal en blaast het weg. Het werkt bij elektrisch geleidende metalen.

  • Sterk in: snel snijden van dikkere plaat, bijvoorbeeld voor constructiedelen en grove onderdelen.
  • Materialen: staal, rvs en aluminium.
  • Let op: de snede is breder en minder strak dan bij laser, en de warmte-inbreng is groter. Voor fijne details is plasma minder geschikt.

Waterstraalsnijden

Bij waterstraalsnijden snijdt water onder zeer hoge druk, meestal met een schuurmiddel erin, door het materiaal. Er komt vrijwel geen warmte aan te pas.

  • Sterk in: materialen die niet warm mogen worden, dikke platen en heel uiteenlopende materialen, ook niet-metalen zoals steen, glas of kunststof.
  • Materialen: bijna alles.
  • Let op: het is vaak langzamer dan laser of plasma. Daardoor is het voor dunne plaat in grote aantallen niet altijd de eerste keus.

De drie naast elkaar

KenmerkLaserPlasmaWaterstraal
NauwkeurigheidHoogGemiddeldHoog
Warmte-inbrengBeperktGroterVrijwel geen
Dikke plaatBeperktGoedGoed
Fijne detailsZeer goedMinderGoed
Niet-metalenSomsNeeJa
Snelheid bij dunne plaatHoogHoogLager

Deze vergelijking is algemeen. Wat een bedrijf precies kan, hangt af van zijn machines. Vraag daarom altijd naar de mogelijkheden voor jouw materiaal en dikte.

Andere snijtechnieken

Voor eenvoudige rechte sneden wordt plaat ook geknipt, en profielen en buizen worden gezaagd. Voor gaten en vaste vormen in grote series is ponsen soms voordeliger. Een metaalbedrijf kiest de techniek die het beste past bij jouw onderdeel.

Welke techniek past bij jouw onderdeel?

Een paar vuistregels helpen je op weg. Gaat het om dunne tot middeldikke plaat met veel details of kleine gaten, dan ligt lasersnijden voor de hand. Moet er vooral veel dikke plaat grof op maat worden gesneden, bijvoorbeeld voor een constructie, dan kan plasma een logische keuze zijn. Mag het materiaal niet warm worden, of wil je een ander materiaal dan metaal snijden, kijk dan naar waterstraal. Twijfel je, beschrijf dan je onderdeel en het gebruik ervan, en laat het metaalbedrijf de keuze toelichten.

Wat heeft het bedrijf nodig?

  • Een vectorbestand of 3D-model van de contour, schoon getekend zonder dubbele lijnen.
  • Materiaal, soort en dikte.
  • Aantallen.
  • Eisen aan de snijkant, zoals ontbramen of een strakke kant voor zichtwerk.
  • Eventuele vervolgstappen, zoals zetten, lassen of poedercoaten.

Tips voor een goede tekening lees je in wat er op een technische tekening hoort.

Snijwerk laten maken

Filter op de kaart op lasersnijden of plaatbewerking en vraag een paar bedrijven welke techniek zij voor jouw onderdeel adviseren. Met de gewichtscalculator schat je vooraf in hoe zwaar de platen worden.

Deze informatie is algemeen. Voor materiaalkeuze, toleranties, sterkte en eisen aan je product vraag je advies aan het metaalbedrijf, een constructeur of een engineer.